Wetgeving

De positie van het slachtoffer in het strafproces

Op 1 januari 2011 is de Wet ter versterking van de positie van het slachtoffer in het strafproces in werking getreden. Door deze wet is het slachtoffer een zelfstandige procesdeelnemer in het strafrecht geworden. Tevens zijn een aantal rechten die eerst alleen in beleidsregels stonden in de wet opgenomen. De rechten van het slachtoffer zijn uitgebreid en de mogelijkheid om schade te verhalen verbeterd.

Historisch perspectief

In de afgelopen decennia is er steeds meer aandacht voor de positie van het slachtoffer in het strafrecht:

  • Sinds de jaren tachtig zijn er verschillende richtlijnen opgesteld van het Openbaar Ministerie ter verbetering van de bejegening van slachtoffers.
  • In 1992 kwam de 'Wet Terwee' tot stand die de mogelijkheden voor slachtoffers om schadevergoeding binnen de strafprocedure te vorderen aanzienlijk verbeterde.
  • In 2004 werd het voor slachtoffers van ernstigere delicten mogelijk om een schriftelijke slachtofferverklaring in te dienen.
  • Kort daarna, in 2005, werd het voor deze categorie slachtoffers mogelijk om te spreken tijdens de strafzitting over de gevolgen van het misdrijf.
  • In 2011 heeft het slachtoffer met de Wet versterking positie slachtoffer een zelfstandige positie in het strafproces gekregen.

Uitgebreide toelichting Wet versterking positie slachtoffers

Hieronder vindt u een uitgebreide toelichting op de Wet ter versterking van de positie van het slachtoffer in het strafproces: