Vrijwilliger Algemene dienstverlening

Na zijn ontslag belandde Arend Smit (64) in de ziektewet. Vervolgens stond hij voor de keuze: thuiszitten of iets nuttigs gaan doen. Hij koos het laatste en ging bij Slachtofferhulp Nederland aan de slag. ‘Dit is het leukste werk wat ik ooit gedaan heb.’

Hart

‘Ik ben geen dokter, en ook geen psycholoog. Ik heb niks met financiën en  niet technisch onderlegd. Wat ik wél kan, is een gesprek voeren van mens tot mens. Dat deed ik al als wijkconsulent bij een corporatie. Daar hield ik me veel bezig met overlastzaken. Zwaar vervuilde woningen, onophoudelijke geluidshinder, noem maar op. Vaak trof ik mensen aan die hulp nodig hadden, en met psychische problemen kampten. In principe had ik ze gewoon uit hun woning kunnen zetten. Maar zoiets kun je toch niet over je hart verkrijgen? Ik ging met ze in gesprek en bracht ze in contact met hulpverlening. Dat was wel het minste wat ik kon doen.’

Tengels

 ‘In die tijd leerde ik signalen oppikken van mensen die doen alsof alles goed
met ze gaat, maar eigenlijk hard hulp nodig hebben. Bij Slachtofferhulp komt die ervaring goed van pas. Ik probeer altijd in de huid van het slachtoffer te kruipen. Nooit bevooroordeeld te zijn. Bij een slachtoffer van inbraak denk je misschien: ach, alleen zijn laptop gestolen – dat stelt niet zoveel voor. Ik probeer me voor te stellen wat de impact van zo’n inbraak kan zijn. De inbreker heeft met z’n tengels aan je spullen gezeten. Misschien wel aan persoonlijke en intieme dingen, zoals foto’s of ondergoed. Dat kan zomaar je gevoel van veiligheid aantasten. Daar mag je nooit te snel aan voorbij gaan.’

Ellende

‘Een alleenstaand oud vrouwtje dat in elkaar is geslagen. Een  vrachtwagenchauffeur die iemand doodrijdt die op de verkeerde weghelft terechtkwam. Een man wiens oude trauma’s naar boven komen na een ongeluk met zijn racefiets. Stuk voor stuk zware zaken. Ga er maar aanstaan als vrijwilliger. Je bent continu bezig met dingen die niet leuk zijn. En tóch is dit het leukste werk wat ik ooit gedaan heb. Het geeft me ongelofelijk veel voldoening. Kennelijk kan ik de knop omzetten, waardoor ik de ellende niet mee naar huis neem. Sterker nog: ik geniet ervan als ik een slachtoffer op het juiste spoor heb gezet.’

Geuzennaam

‘Ik voel me een professional in wat ik voor slachtoffers kan betekenen. Daardoor kom ik zelfverzekerd over. Dat voelen slachtoffers. Zodra je aan jezelf twijfelt, prikken ze er dwars doorheen. Tegelijkertijd merk ik dat het slachtoffers goed doet dat ik een vrijwilliger ben. ‘Vrijwilliger’ is toch een soort geuzennaam. Het geeft aan dat je je onbaatzuchtig inzet voor een ander. Slachtoffers kunnen met me praten van mens tot mens, als een gelijke. Dat bevordert het herstel.’

Enthousiast?

Word ook vrijwilliger!