Wij gebruiken cookies. Functionele en analytische cookies maken het gebruik van onze website mogelijk en deze cookies helpen ons om de website te verbeteren. Accepteert u dat we ook tracking cookies gebruiken? Door middel van deze cookies kunt u gepersonaliseerde advertenties van ons zien. Lees eerst de cookieverklaring voor meer informatie over de tracking cookies.

Privacy | Cookieverklaring

Fleur van der Bij schrijft boek over rouw, verlies en vergeving

Fleur van der Bij schrijft boek over rouw, verlies en vergeving

De Friese Fleur van der Bij was 15 jaar toen zij haar zusje Ylse verloor bij een verkeersongeval. Hoewel haar verdriet intens was en ze haar zusje elke dag een beetje meer begon te missen, had ze niemand om haar verdriet mee te delen.

Dertien jaar later volgt de klap en komt ze haar onverwerkte trauma alsnog onder ogen en doemen allerlei vragen op: wie was de man die haar zusje doodreed? Hoe zou het hém zijn vergaan? Deze zoektocht beschrijft Fleur in haar boek Verkeersslachtoffer 22/10. Op zoek naar de man die mijn zusje doodreed dat vanaf vandaag verkrijgbaar is. Een bevlogen zoektocht die dader- en slachtofferschap ontstijgt.

Meer dan een boek

Eigenlijk is het niet alleen een boek, maar ook een pamflet, legt Fleur uit. “Het is een pleidooi om anders om te gaan met het leed van slachtoffers. Hoe vaak horen we wel niet dat de daders zwaarder gestraft moeten worden? Maar wat schieten we daarmee op? De dader wordt daar niet beter van, maar het slachtoffer zeer zeker ook niet, want het verdriet wordt niet minder om.

In plaats van hogere straffen, zouden we er veel meer mee opschieten als er meer duidelijkheid komt over de toedracht van dodelijke ongevallen. Veroorzakers beroepen zich nu vaak op hun zwijgrecht. Vreselijk frustrerend, want daardoor blijven nabestaanden vaak hun leven lang met vragen rondlopen en kunnen zij het verlies niet goed verwerken.”

"Niet huilen meisje"

Ook Fleur kon het ongeluk lang niet verwerken: “Direct na het ongeluk zei mijn oma: “Niet huilen meisje, je moet flink zijn.” En ook bij mijn ouders kon ik niet terecht; zij zaten zo diep in hun eigen verdriet dat ze geen ruimte voor mij hadden. Een paar dagen na het ongeluk ging ik weer naar school en moest ik meteen een proefwerk inhalen. Ik kon me nauwelijks concentreren, dus vroeg ik de leraar of ik tien minuutjes extra tijd mocht. Nee, dat mocht niet, dat zou niet eerlijk zijn tegenover de andere kinderen.”

Iemand iets kwalijk nemen doet Fleur niet, maar ze is ervan overtuigd dat professionele psychische hulp haar enorm had kunnen helpen in de verwerking. “Daarom vind ik het werk van Slachtofferhulp Nederland zo waardevol. Het is belangrijk om meteen na een traumatische gebeurtenis met iemand te praten over je gevoelens. Alleen dan kun je voorkomen dat de klap pas later komt.”

Voor Fleur is het duidelijk; hoewel ze nooit boos is geweest op de veroorzaker van het ongeval, kan ze met het boek wel iets afsluiten. “Noem het een persoonlijk verzoeningsritueel, een manier om erkenning te krijgen voor de pijn van de afgelopen jaren.”