Slachtofferhulp.nl gebruikt functionele en analytische cookies. Deze cookies maken het gebruik van onze website mogelijk en helpen ons om de website te verbeteren. Accepteer je dat we ook tracking cookies gebruiken? Met deze cookies kun je advertenties van ons zien. Lees de cookieverklaring voor meer informatie.

Privacy | Cookieverklaring | Cookie instellingen

Wat te doen met vermoedens

Vage klachten bij een cliënt die maar niet overgaan. Een leerling die zich opeens anders gedraagt. Je vermoedt dat er meer speelt: een nare ervaring, misschien is iemand zelfs slachtoffer geworden. Stel dat dit zo is, ben jij dan de aangewezen persoon om het gesprek aan te gaan? Kun je wat je gaat horen wel aan? En wat als je ernaast zit? Of niets zegt en de situatie van de cliënt verslechtert? Als professional met een onderbuikgevoel sta je al snel voor dit soort dilemma’s. Onderstaande overwegingen kunnen helpen.

1. Onderzoek waar je onderbuikgevoel vandaan komt

Vermoedens zijn niet altijd even vastomlijnd. Heb je bijvoorbeeld het gevoel dat er iets aan de hand is maar ben je daar niet zeker van? Of je bent ervan overtuigd dát er iets speelt, maar weet niet wat? En wat moet je daar dan mee?

Het dilemma is vaak: heb ik wel genoeg informatie om iets te doen? Wanneer je bijvoorbeeld eenmalig bij een cliënt over de vloer komt en je ziet opvallende dingen – een kind dat genegeerd wordt, een vrouw die schichtig reageert op haar partner – is dat dan voldoende om een gesprek aan te gaan of zelfs een melding te overwegen?

Een goede eerste stap is om te onderzoeken waar je onderbuikgevoel vandaan komt.

  • Breng in kaart wat je ziet, wat je hoort en welke signalen je aan het denken zetten. Dit geeft je meteen concrete aanknopingspunten voor als je het gesprek hierover wilt aangaan.

  • Als de situatie dat toelaat: om meer informatie in te winnen kan je er ook voor kiezen om een vervolggesprek aan te gaan om je observatie te toetsen.

  • Bespreek je dilemma’s met een collega of met je leidinggevende.

2. Maak een persoonlijke afweging

Je kunt de neiging hebben om meteen in de hulpverlenersrol te schieten. Dat is goed, maar sta daarbij wel stil bij welke rol je zelf kunt innemen en wanneer doorverwijzen naar een andere hulpverlener zinvol is. Maak daarbij ook een persoonlijke afweging. Ben je degene die er voor de ander kan zijn? Heb je een vertrouwensband met de ander? Maar ook: hoe sta je zelf tegenover het thema? Misschien heb je er een (te) stevige mening over of voel je je er kwetsbaar bij. Dit kunnen afwegingen zijn om – zelfs als je inhoudelijk deskundig bent – toch liever de weg te wijzen naar een andere hulpverlener. Je kunt altijd helpen door voor iemand de weg vrij te maken om op een plek te komen waar de juiste expertise ligt. Of door zelf op onderzoek te gaan.

3. Tast verder af wat er aan de hand is

De stap van onderbuikgevoel naar (meer) weten is toch vaak een kwestie van je vermoedens bespreekbaar maken. Daarbij is het van belang om het juiste moment en de juiste ingang te vinden. Om een sfeer te creëren waarin de ander zich veilig voelt om zich open te stellen en zich niet onder druk gezet voelt. Waar doe je dan goed aan? Een al te directe confrontatie schrikt al snel af.

  • Te weinig tijd in dat ene consult? Maak dan liever een vervolgafspraak waarin je meer ruimte kunt creëren en leg uit waarom je dit doet.

  • De weg van de ‘verdunde ernst’ levert vaak meer op: in plaats van er iets zwaars van te maken, kan je bijvoorbeeld je zorgen terloops ter sprake brengen tijdens een wandeling of klassendienst.

  • Oefen geen druk uit, kies je woorden zorgvuldig, stel je open op, zonder verwachting, zonder iemand een richting op te duwen.

  • Oordeel niet te snel. Misschien is er wel een heel logische oorzaak voor wat je is opgevallen die niets met slachtofferschap te maken heeft.

Onze gesprekstips kunnen je hierbij verder helpen. Heb je te maken met een jongere? Lees onze tips over in gesprek gaan met een jongere.

4. Bied ondersteuning die bij de situatie past

De signalen die aan de basis liggen van je onderbuikgevoel, zullen vaak stresssignalen zijn. Gedrag dat opeens anders is. Plotselinge prikkelbaarheid, somberheid. Onverwacht emotionele reacties. Daar kan van alles achter zitten – soms zelfs helemaal niets. Wat je kunt doen om te helpen is afhankelijk van je rol én van de situatie. Stem je reactie af op wat er speelt.

Stress zonder 'heftige' oorzaak

Als iemand onder spanning staat vanwege hoge werkdruk, schulden of een zware mantelzorgtaak, vraagt dat om een andere benadering dan wanneer iemand slachtoffer is van een strafbaar feit of verkeersongeval. En om een ander soort hulpverlening. Blijkt in je gesprek dat iets dergelijks speelt, dan is het goed om uit te leggen wat langdurige stress met iemand doet.

Je kunt samen aftasten wat je cliënt zelf kan doen, wat het sociale netwerk kan doen en waar professionele ondersteuning gewenst is. Kan je die zelf niet bieden, dan helpt het vaak ook om iemand te informeren over wat er allemaal mogelijk is.

Stress door een ingrijpende gebeurtenis

Stress kan ook gerelateerd zijn aan een ingrijpende gebeurtenis waar geen strafbaar feit aan ten grondslag ligt. Zoals een verkeersongeval, ontslag of een sterfgeval in de naaste omgeving. Ook hierbij helpt het vaak al als je helder kunt uitleggen wat de gevolgen en de impact kunnen zijn van zo’n gebeurtenis, en wat ‘normaal’ herstel is. En ook in zo’n geval is het goed het gesprek te voeren over wat de cliënt nodig heeft, wat iemand zelf kan doen en wat je in dat herstelproces kunt betekenen. Zelf of door de cliënt door te verwijzen.

Stress door een strafbaar feit

Blijkt dat iemand slachtoffer is geworden van een strafbaar feit zoals diefstal, oplichting of bedreiging en daardoor stress ervaart, ga dan het gesprek aan. Bespreek wat iemand zelf kan bijdragen, wat je kunt doen en wat de mogelijkheden zijn. Om iemand verder te helpen kan je: 

  • onze doorverwijspagina raadplegen om te zien waarvoor je cliënt terecht kan bij Slachtofferhulp Nederland en in welke gevallen andere partijen beter passende ondersteuning kunnen bieden.

  • met je cliënt bespreken welke mogelijkheden er zijn om aangifte of een melding te doen bij de politie, hoe dit werkt en hoe een eventueel strafproces in elkaar zit. 

  • je cliënt informeren over de rechten van slachtoffers en hoe die uitgeoefend kunnen worden. Je vindt hier meer over op onze pagina over rechten van slachtoffers en nabestaanden.

  • praktische informatie geven over de eventuele mogelijkheden om schade vergoed te krijgen. Op onze schadevergoedingspagina vind je daar meer over, inclusief een handige schadehulp.

  • contact opnemen met onze Advieslijn, mocht je willen sparren over de beste aanpak.

Stress door huiselijk geweld of kindermishandeling

Versterkt of bevestigt je aftastende gesprek met de cliënt het vermoeden van huiselijk geweld of kindermishandeling, dan geldt de meldcode. Elke beroepsgroep die hiermee werkt – onderwijs, kinderopvang, jeugdzorg, welzijn, gezondheidszorg  en justitie – heeft eigen afwegingskaders geformuleerd om te beoordelen:

  • of melding bij Veilig Thuis noodzakelijk is,

  • of zelf hulp bieden of organiseren ook (in voldoende mate) mogelijk is.

Blijf in contact - ook als dat moeilijk is

Heb je het idee dat een melding doen de beste optie is? Dan kan dit dilemma’s met zich mee brengen. De gevolgen van een melding kunnen ingrijpend zijn en grote invloed hebben op je vertrouwensband met degene over wie je een melding doet. Hoe voorkom je dat je melding meer schade aanricht dan bijdraagt aan een oplossing? Hoe ga je met de cliënt om nadat je de melding hebt gedaan?

  • Als je overweegt een melding te doen, bespreek dit dan met je cliënt als het enigszins kan. Leg ook uit waarom je dit van plan bent. Uit zorg voor de cliënt en omdat je wil dat deze de juiste ondersteuning krijgt. Vertel ook wat de gevolgen van een melding kunnen zijn.

  • Blijkt een melding toch niet nodig op het moment, maar is hulpverlening wel op zijn plaats? Bied deze dan zelf en zorg er samen met je cliënt voor dat er hulpverlening komt. Blijf in dat geval goed monitoren, maak concrete afspraken over de vervolgstappen en bekijk waar je cliënt ondersteuning nodig heeft om deze afspraken na te komen.

  • Besluit je de situatie wel te melden, probeer dan betrokken te blijven en houd contact met Veilig Thuis.

  • Als je een melding doet, kan dit je relatie met je cliënt verstoren, ondanks je goede intenties. Kijk dan hoe je verder kunt met je cliënt. Als dat niet gaat, kijk of je je cliënt een alternatief aanbod kunt doen. Bijvoorbeeld in de vorm van een vervanger uit je eigen organisatie of extern, zodat de cliënt alsnog de nodige ondersteuning krijgt die je niet meer kunt bieden.

Verhalen van slachtoffers

Luke

Luke zag hoe een collega werd bedreigd Lees het verhaal van Luke

'Ik wist meteen dat het echt niet goed was, maar het besef dat ik erover moest praten kwam in stapjes.'

Wim

Wim was getuige van een terroristische aanslag Lees het verhaal van Wim

'Net na de aanslag voelde ik me geen slachtoffer.'